22 april 2010

De buurjongen

Het is raar om hem weer te zien na al die jaren, de buurjongen: ‘Alsof er niets veranderd is.’ Nog steeds de gulle lach, de mooie verhalen, de sigaretten.

Zijn huis ruikt zoals ik me ineens de geur van het huis van zijn ouders herinner.

Ik weet niet meer zo goed hoe ik was toen. Terug in Brabant, tien jaar geleden. Ik zeg dat de jaren me veranderd hebben. Hij zegt dat het allemaal niet zo anders is.

We praten over mensen uit het dorp, familie. Over het werk. Over vrienden. Het had zomaar een uitwisselgesprek kunnen worden.

Maar nee. Ik vertel over mijn ideeën, dromen, twijfels. En achter zijn mooie verhalen, schuilen die van hem.

Ik weet niet meer of we eerder zo praatten. Maar het voelt vertrouwd. Als vanouds, zoals ze zeggen.